Resultaten van het nazorgseizoen 2026
We kunnen terug kijken op een prima weidevogelseizoen 2026. Alle 4 hoofdsoorten (kievit, grutto, scholekster en tureluur) scoren hoger of gelijk in aantal nesten maar ook in de alarmtellingen t.o.v. 2025. Voornaamste reden van dit succes was de beperkte predatie van de eieren en kuikens. Niet dat de predatoren er niet waren, in tegendeel zelfs, maar die richtten zich vooral op de veldmuizen die in overvloed aanwezig waren in ons gebied.

Velduil
De veldmuizenpiek leidde er zelfs toe dat de velduil weer regelmatig opdook. Uiteindelijk zijn er zo’n 10 velduil nesten gevonden in ons rayon met soms wel 10 eieren in één nest. Enkele nesten zijn verloren gegaan aan predatie of zijn verlaten maar de meeste nesten zijn succesvol uitgebroed. Overigens is het baltsgedrag van de velduilen, waarbij het mannetje al klappend met de vleugels naar beneden duikt, een prachtig schouwspel. Menig nazorger en vogelliefhebber heeft dit spektakel gezien, meestal in de avonduren vlak voor de schemering.

Kievit
Dan weer terug naar de weidevogels. Nadat Ysbrand Oost op 10 maart het eerste kievitsei van ons rayon had gevonden gingen de nazorgers de weilanden in op zoek naar meer kievitsnesten. En die waren er volop. Zo waren er al veel kieviten in de laatste weken van maart aan het broeden. De kuikens van deze vroege legsels die vanaf 10 april uit het ei kropen hadden het lastig. In de periode half april tot begin mei was het erg droog met vaak een koude noordenwind. Toch zijn er nog behoorlijk wat kuikens van de vroege legsels die vliegvlug zijn geworden. De latere legsels hadden qua weer betere omstandigheden. Hier zijn verhoudingsgewijs meer kuikens groot geworden wat ook wel blijkt uit de alarmtellingen. Al met al een mooi resultaat voor de kievit.

Grutto
Voor de grutto werd het een bijzonder jaar. Onze vogelwacht deed samen met 6 andere vogelwachten mee met het verzamelen van 160 grutto-eieren voor het grutto-onderzoek van Rijksuniversiteit Groningen. Dit onderzoek richt zich vooral op de kuikenfase omdat die cruciaal is voor de grutto en het juist daar vaak mis gaat in de praktijk. Welk graslandtype past het best bij de gruttokuikens en welke insecten leven hierin? Dat zijn vragen die terug komen in het onderzoek. Uiteindelijk hebben we 55 grutto-eieren aangeleverd uit 17 nesten. Dit waren nesten waarvan we vooraf de inschatting hebben gemaakt dat de overlevingskans van de eieren of kuikens laag was. De eieren gingen de broedmachine in van Avifauna. De uitgekomen kuikens werden geringd en kregen een zendertje op de rug. Ze werden elke dag gewogen en er werd goed gekeken wat ze buiten aan voedsel opnamen in de verschillende types grasland. Zodra ze konden vliegen werden ze losgelaten en vanaf dat moment konden ze met de gps zenders gevolgd worden.
Iedereen die wil kan de grutto’s volgen met de app “animal tracker”, een echte aanrader. Zo was met de app goed te zien dat de jonge grutto’s in de maanden juni en juli massaal de bevloeide weilanden opzochten van de boeren die de strijd aan gingen tegen de droogte en de muizen. De jonge grutto’s profiteerden hiervan want de wormen en larven kwamen nu ook mooi omhoog. Zo konden ze mooi aansterken want de reis naar West Afrika kwam ook al dichterbij. Tussen eind juli en half augustus vlogen de meeste jonge grutto’s naar West Afrika , meestal met een tussenstop in Spanje/Portugal. We hopen ze terug te zien in het voorjaar van 2027!
Trouwens, de gruttoparen die de eieren kwijtraakten aan de broedmachine begonnen gewoon weer opnieuw met eieren te leggen. Veel van deze legsels zijn ook nog succesvol uitgebroed. Het was een goed jaar voor de grutto. Veel jonge kuikens zijn groot geworden. Dat hebben we wel eens anders gezien.

Scholekster en tureluur
De resultaten van de scholekster en tureluur waren gemiddeld genomen gelijk of iets beter in vergelijking met het jaar er voor. De scholekster scoorde op alle fronten iets beter dan in 2025. Het aantal gevonden tureluurnesten nam wat af dit jaar. Toch waren de alarmtellingen wel goed te noemen. Hoger zelfs dan je zou verwachten. Waarschijnlijk zijn er toch nog wat nesten die niet worden gevonden maar wel uit gekomen zijn. De nesten zijn vaak ook moeilijk te vinden en worden tegenwoordig ook steeds vaker opgespeurd door de drone.
De resultaten van 2026 in vergelijk met 2025

Weidevogeldrone
Nieuw dit jaar was de aanschaf van een eigen drone. Dankzij vele donaties van stichtingen, bedrijven en particulieren konden we de drone bekostigen. In de vroege ochtenduren gingen de dronepiloten met de nazorgers op zoek naar nesten. Die werden volop gevonden. Ook kuikens en reekalfjes die in het lange gras zaten konden worden opgespoord en worden verplaatst voordat de maaier in het veld kwam. Op 23 mei ging het even mis. Door een scholeksteraanval crashte de drone. Drie van de vier armen waren stuk. Gelukkig waren we goed verzekerd. We konden al vrij snel weer beschikken over een gloednieuwe drone. De drone is nu al onmisbaar en zal in de toekomst alleen nog maar meer worden ingezet is de verwachting. Een aanwinst voor onze vogelwacht! Dank ook aan onze dronepiloten die al heel wat vlieguren hebben gemaakt in de vroege en vaak koude ochtenduren, soms al 05.00 in het veld! En ook dank aan alle nazorgers die door hun inzet hebben bijgedragen aan een prima weidevogelseizoen 2026!
Namens de nazorg coördinators,
Erwin Raap en André Zonderland